Verhalen

Billy Joe Shaver, een van de laatste country outlaws (2)

Vorige week bereikte singer-songwriter Billy Joe Shaver -ook tot zijn eigen verbazing- de leeftijd van 81 jaar. Shaver is een van de minst bekende exponenten van de roemruchte outlaw country-stroming, maar volgens Willie Nelson “misschien wel de beste songwriter die er vandaag is.” Een taaie Texaan die de vele mentale en fysieke butsen die hij opliep verwerkte in zijn liedjes. Deel 2 van het onwaarschijnlijke levensverhaal over Billy Joe Shaver, dat minstens zo goed is als zijn muziek. (Deel 1, waarin hij onder meer zijn hand verminkt, lees je hier)

Die twee vingers van zijn rechterhand was hij dus kwijt, eigenlijk tweeëneenhalf. Voor Billy Joe geen reden om te sikkeneuren. En gitaarvirtuoos Django Reinhardt speelde na de bijna fatale brand in zijn woonwagen met een verlamde middel- en ringvinger ook weer de sterren van de hemel. Niet dat Shaver dat ambieerde, hij wilde vooral goede songs schrijven. Met een paar stompjes kun je ook prima snaren aanslaan.

In tegenstelling tot zijn verminkte hand voelde het huwelijk wel steeds meer als een obstakel. Het zou als een rode daad door zijn leven lopen. “Het huwelijk is een mooi instituut,” zei Shaver tijdens een recent optreden, “maar who the hell wil er in een instituut leven.”

Nou Shaver zelf dus. Hij is zes keer getrouwd en gescheiden. Tot nog toe. Al deed hij dat slechts met twee verschillende vrouwen.

Zijn eerste en grote liefde Brenda Joyce Tindell was nog een tiener toen ze het ja-woord zei. Waarom trouwde hij eigenlijk met haar? “Ze kon meer drinken dan ik.”

Brenda raakte al snel zwanger van Eddy, die in 1962 werd geboren. Meer kinderen zouden er ook niet volgen. Billy Joe was nog een prille twintiger, hij vergooide zijn leven met klotebaantjes, veel drinken, liedjes schrijven die niemand hoorde en een slecht huwelijk. De onrust nam steeds meer bezit van hem.

Hoe Shaver niet in LA, maar Nashville belandde

Als hij het nog wilde maken in de muziek moest hij wel Texas verlaten, bedacht Shaver. Hij pakte zijn boeltje, posteerde zich langs de snelweg richting het westen en stak zijn duim op. Los Angeles zou het worden.

Of automobilisten hem niet durfden mee te nemen vanwege die afschrikwekkende hand of vanwege zijn ijskoude blik onder de cowboyhoed? Na een paar uur vond Shaver het welletjes, hij liep naar de overkant en stak weer zijn duim op.

En zo belandde hij niet aan de westcoast, maar in Memphis en Nashville.

Een warm bad was dat niet. Na maanden vergeefs leuren met zijn liedjes keerde Shaver gedesillusioneerd weer terug naar Texas. Hij vond een baantje als dakdekker, dat hij wederom combineerde met een roekeloze leefwijze. Tot hij van het dak viel en zijn rug brak. Dat was voor hem een teken van God, zei hij daar later over. Toen hij inmiddels een reborn christian was – maar dan wel een outlaw variant.

Toen Shaver weer was hersteld vertrok hij opnieuw naar Nashville. Deze keer vastberaden om het te gaan maken.

De aanhouder leek te winnen. In het jaar 1968 wist hij een afspraak te regelen met de bekende countrymuzikant Bobby Bare. Shaver mocht wat liedjes in zijn kantoor spelen en werd daarop aangenomen als songwriter, voor $ 50,- per week.

Gaandeweg maakte Shaver naam als liedjesschrijver. En als proefkonijn, wanneer er een nieuwe drug moest worden getest. “Dan kreeg ik wel eens stuiptrekkingen of ik bleef een paar etmalen wakker. Maar ik nam het toch altijd, want het was gratis.”

Het waren andere tijden, beste lezer. Staan tegenwoordig de potten met gemberthee backstage te dampen in de artiestenkleedkamer, in die jaren behoorde een pot met amfetaminen, naast de gitaar en reservesnaren tot de standaarduitrusting van elke muzikant.

Zo blijkt ook uit de geanimeerde docuserie Mike Judge Presents: Tales From The Tour Bus. In deze serie, die tot nog toe helaas nooit in Europa is uitgezonden of verspreid, verhaalt Mike Judge (bekend van o.a. Beavis and Butt-Head en King of the Hill) in het eerste seizoen over een aantal kleurrijke outlaw country-figuren. Judge is al lang fan van Shaver en wijdt een hele aflevering aan hem. En Shaver komt ook uitgebreid aan het woord in andere afleveringen.

“136 hechten in mijn hoofd”

Je kon Shaver er goed bij hebben. Hij zat wel vaker dan ieder ander bij de Eerste Hulp. “Ik brak mijn rug drie keer, kreeg een hartaanval en een viervoudige bypass, kreeg een stalen plaat in mijn nek en 136 hechtingen in mijn hoofd,” zegt hij in zijn autobiografie Honky Tonk Hero. En dat is nog een beknopte samenvatting van al zijn lichamelijke malheur.

Enkele van die hechtingen liep Shaver op bij een befaamde echtelijke ruzie, waarover hij tijdens optredens graag vertelt. Het is ergens eind jaren 60. Shaver heeft voor de verandering weer ‘ns wat geld en besluit tot de aanschaf van een vrachtwagen. Brenda is zo boos over die aankoop dat ze woedend het huis verlaat.

“Dat was mijn tweede reis met haar”, zegt Shaver. “Ik dacht: Ik kan het eigenlijk niet uitstaan ​​om getrouwd te zijn. Ik haatte het gewoon. Ik had die dag zoveel meegemaakt en ze schold me zo uit. Ik zei, ‘laat me eens kijken of ik hier gewoon een einde aan kan maken.’ Ik ging op bed zitten, zette het pistool tegen mijn hoofd en BAM!. De kogel vloog door mijn hoed en sloeg een gat in de muur – waar ik later nog wat over had uit te leggen.”

Daarna rijdt Shaver naar Nashville, gaat zich te buiten aan drank en drugs tot hij knock-out gaat. Als hij wakker wordt rijdt Shaver naar huis, neemt een douche en dan valt het liedje Ragged Old Truck hem in. Hij pakt meteen zijn gitaar om het uit te werken.

Early this mornin’ without any warnin’

I took me a look at myself, good God

I seen how this married up life I been livin’

Was tryin’ to choke me to death

I laid on the bed with my gun to my head

And I nearly ’bout ended it all

But I come to myself just before I got killed

And I blowed me some holes in the wall

Shaver is zo opgegaan in het lied dat hij is vergeten dat-ie geen kleren aan heeft, behalve de laarzen en cowbowyhoed. De deurknop draait. “Het leek alsof het een groot geluid maakte. De vrouw komt binnen. Ze ziet me daar naakt met de gitaar en zegt:

‘Wat doe je nu in godsnaam?’

‘Schat, ik heb zojuist het beste nummer geschreven dat ik ooit heb geschreven. We gaan Nashville kopen!’

‘Ze zegt:’ Nou, ik moet het horen.’

Dus ik kom bij de derde en vierde regel en ik weet niet wat ze in haar tas had. Het voelde als een aambeeld toen ze die tas tegen mijn hoofd sloeg. Ik viel zomaar op de grond. Ik kon sterren zien. Ik hoorde de auto aanzwengelen en wegrijden. Ze ging terug naar Waco. Het was een geweldig lied. Dat is het nog steeds.”

“I Shot him between a mother and a fucker”

Zo beland(d)en vaker gebeurtenissen uit zijn roerige leven in een lied. Zo ook die late avond eind maart 2007, toen Shaver – 67 inmiddels – in Papa Joe’s Texas Saloon in het gehucht Lorena mot kreeg met een vervelende kerel. Toen die weigerde zijn excuses aan te bieden en met een mes begon te zwaaien, pakte Shaver zijn pistool, zei: “Where do you want it?” en schoot hem in zijn wang. Of in Shavers woorden: “I shot him right between a mother and a fucker.”

“I’m sorry” gorgelde de hevig bloedende man. Shaver schudde zijn hoofd: “Als je dat al in de kroeg had gezegd dan zouden we niet dit probleem hebben.”

Waarom hij onschuldig werd bevonden snappen vriend en vijand en zijn advocaat nog steeds niet. Temeer omdat Shaver in de rechtbank verkondigde dat een rechtgeaarde Texaan niet wegloopt voor confrontaties. En oh ja, hij wilde ook zijn kogel terug.

Zijn lied Wacko from Waco is een publieksfavoriet.

I don’t start fights, I finish fights
That’s the way I’ll always be
I’m a wacko from Waco
You best not mess with me

Dat zijn compacte biografie Honky Tonk Hero van iets meer dan 200 bladzijden voor het grootste deel uit songteksten bestaat is niet meer dan logisch. Billy Joe Shaver ís zijn muziek. “Als je die armoede hebt, de ellende en liefdeloosheid en alcohol en drugs en…that makes for a great songwriter,” zegt Kinky Friedman in Tales From The Tour Bus.

Uiteraard komt het verhaal van Shavers doorbraak in deze serie ook aan de orde. Het is maart 1972 op een festival in Dripping Springs, Texas. Shaver is door overmatig lsd-gebruik een paar etmalen van de wereld geweest. Hij is nog niet helemaal helder als hij zich weer onder de mensen begeeft en backstage een pindavormige trailer binnengaat. Daar zitten drie mannen te drinken, een heeft een kat op schoot. Jointjes en een gitaar gaan rond. Als Shaver de gitaar krijgt speelt hij het nummer Willy the Wandering Gypsy and Me. Plots vliegt de deur open en stormt Waylon Jennings, de hoofdact van het festival, naar binnen: “Van wie is dat lied!?” roept hij.

“Van mij,” zegt Shaver.

“Nou, ik moet het hebben. Ik móet dat lied zingen.”

Shaver vertelt Jennings dat hij nog meer van die cowboysongs heeft.

“Kom naar Nashville en ik maak een heel album van die liedjes.”

Dat laat Shaver zich geen twee keer zeggen. Maar wat hij daarna ook probeert, maandenlang lukt het hem niet om Jennings te bereiken.

Uiteindelijk weet Shaver dankzij een kennis de studio van RCA binnen te dringen, waar Jennings aan het opnemen is Omringd door wat uit de kluiten gewassen Hell’s Angels, met wie de beroemde muzikant zich destijds vaak omringde.

Jennings wil Shaver afschepen met 100 dollar. “Die kan hij op een plek steken waar de zon nooit schijnt,” zegt Shaver tegen de assistent. Geagiteerd kwam Jennings uit de opnameruimte, met zijn entourage. “Wat moet je nou?!”

“Je zou naar die liedjes luisteren,” zegt Shaver, “en daarvoor ben ik hier. En als je dat niet doet…i’ll whip your ass right here in front of God and everybody.”

Er valt een zware stilte. Jennings grijpt zijn arm en neemt hem mee naar een andere ruimte. “Je beseft niet hoe weinig het had gescheeld of je was net ter plekke vermoord. Ok, ik luister naar één lied en als ik het niks vind dan ga je de deur uit en zien we elkaar nooit meer.”

“That’s fair enough,” zegt Shaver. Hij speelt Ain’t No God In Mexico. Daarna volgen nog vier liedjes en hij sluit af met Honky Tonk Heroes. “Damn it!” vloekt Jennings, “Ik weet wat me te doen staat.”

Baanbrekende plaat Honky Tonk Heroes

Enkele maanden later verscheen de baanbrekende plaat Honky Tonk Heroes. Alle kenners zijn het erover eens dat die plaat niet alleen Jennings’ carrière een enorme boost gaf, maar zelfs de country muziekindustrie definitief veranderde. De rock ’n roll deed zijn intrede in het genre dat steeds gladder en zoeter was geworden. Artiesten eisten en kregen daarna veel meer zeggenschap.

De naam van Billy Joe Shaver als songwriter extraordinaire was ook definitief gevestigd. Elf van de twaalf liedjes had hij immers (mede)geschreven. “Het was geweldig,” zegt Shaver. “Die liedjes waren groter dan ik. En ik zong niet zo goed als Waylon. Het hielp hem en mij – dus dat was een goede ruil.”

Gek genoeg werkten de twee daarna nooit meer samen. Volgens Shaver had dat te maken met een recensent van Rolling Stone die had geschreven dat Shaver de echte held was van Honky Tonk Heroes. “Waylon was pissed. Hij zei: ‘Ik werk nooit meer met jou, want jij krijgt alle credits.’ Hij verdiende er wel goed aan,” zegt Shaver decennia later schouderophalend. “Waylon verdiende zelfs kapitalen aan You asked me to, een lied dat we samen hadden geschreven. Elvis nam het nummer ook op, maar Waylon had mij daar niets over verteld. Toen ik de credits zag las ik alleen Waylons naam. Ik heb er geen cent aan verdiend. Ze flikten dat vaker met mij, omdat het me niet interesseerde. Ik gaf weinig om geld.”

Shaver debuteerde dat jaar met het album Old Five and Dimers Like Me, dat werd geproduceerd door Kris Kristofferson. Maar vooral door zijn beperkte stem en arrangementen had zijn muziek meer succes als anderen het uitvoerde. En dat deden ze graag:  Kris Kristofferson, Bob Dylan, Johnny Cash, Willie Nelson speelden zijn liedjes.

En Shaver had het in die jaren ook nog druk met het uitdiepen en perfectioneren van zijn misschien wel grootste kwaliteit: het ruïneren van zijn eigen leven.

In Tales From The Tour Bus herinnert Billy Gibbons van ZZ Top zich die dag in Las Vegas, toen hij getuige zou zijn van het huwelijk van zijn vriend Billy Joe. Toen Gibbons arriveerde bij de plechtigheid, die in het casino plaatsvond, had hij aanvankelijk moeite om de feestgangers te vinden. De bruidegom lag op de grond, met een vriend. Ze deden Indian leg wrestling. Dat is een spel waarbij twee personen met de rug op de grond naast elkaar liggen (in tegengestelde richting) ieder één been in de lucht steekt. Na een paar keer zwaaien haken de benen in elkaar en diegene die de ander tot een koprol achterover dwingt wint. Zoek het gerust even op het internet.

Een onschuldig spel, behalve als Billy Joe Shaver het speelt. Zijn tegenstander was zo vaardig (of de bruidegom al zo dronken) dat laatstgenoemde achterover sloeg en er luide krak klonk. Toen hij opstond en iets wilde drinken, lukte dat niet. Hij kon zijn hoofd ook niet meer recht houden. “Toch maar even kijken wat het was,” vertelde Shaver lachend: “Ik had mijn nek gebroken. En die gozer was mijn getuige! Hahaha!”

Om die verhalen kun je nog grimlachen. De echte tragedie zou Shaver ook treffen, als een mokerhamer. Met als dieptepunt het jaar waarin zijn moeder, geliefde en enige zoon stierven. Vooral de ontijdige dood van Eddy, die als zeer getalenteerde gitarist zijn vader jarenlang begeleidde, hakte er in. Op oudjaarsavond stierf hij na een overdosis. Net als de zondag overleden Justin Townes Earle (ook een getroebleerde zoon van een beroemde vader) werd Eddy Shaver slechts 38 jaar. Maar daarover volgende keer, in deel 3.

Vind je deze tekst de moeite waard? Je kunt jouw waardering ook laten blijken met een kleine bijdrage.

Donatie € -